2019

Leiderschap

Het onderwijs op de PM is verdeeld in teams – van praktijkonderwijs tot vwo. De vakdocenten die bij zo’n team horen, maken op hun beurt weer deel uit van hun eigen vaksectie. Sectieleiders krijgen steeds meer verantwoordelijkheid. Elk vak heeft de ruimte om zelf een onderwijskundige visie te ontwikkelen binnen de concepten en de kaders die de schoolleiding neerlegt. Soms leidt dat tot flinke uiterlijke verschillen tussen vakken, maar onder de oppervlakte ligt altijd een resultaatgerichte aanpak.

Basisgegevens

De doelstelling van de ‘Vereniging tot Stichting en Instandhouding van Christelijke scholen voor voortgezet onderwijs op Goeree en Overflakkee’ is de juridische basis voor de CSG Prins Maurits. Het College van Bestuur is het bevoegd gezag. Tijdens een jaarlijkse algemene vergadering legt het bevoegd gezag verantwoording af aan de vereniging en kunnen leden van de Raad van Toezicht worden gekozen. De Raad van Toezicht is verantwoordelijk voor het toezicht op het College van Bestuur.

Bron: Toolkit CSG Prins Maurits, 2019

Het College van Bestuur (CvB) bestaat uit een voorzitter, een lid belast met onderwijs en een lid belast met bedrijfsvoering. Het CvB stuurt de teamleiders en het onderwijsondersteunend personeel aan. De teamleiders geven leiding aan de docenten in hun onderwijsteam.

Onze doelen
Bekijk onze doelen

Motivatie

Leiderschap vindt zijn kracht in persoonlijke verantwoordelijkheid van medewerkers en leerlingen. Dit houdt in dat je bereid bent om naar jezelf te kijken, je eigen gedrag te begrijpen en daar waar nodig te veranderen. Aanspreekbaar zijn, open staan voor de dialoog en onderlinge feedback zijn daarbij belangrijke thema’s. Iedereen is, als het goed is, in staat om eigen grenzen te bewaken en een situatie te creren waarin men zichzelf stimuleert om oplossingen te bedenken. Alleen dat zal op de lange termijn onderlinge samenwerking versterken en ervoor zorgen dat er persoonlijke groei en ontwikkeling is.
Medewerkers en leerlingen die leiderschap vertonen weten doelen te creren en te verwezenlijken. Niet alleen persoonlijke doelen, maar hij of zij richt zich ook op de gezamenlijke doelen die binnen de organisatie gehaald moeten worden. Wie deze twee doelen met elkaar weet te verenigen heeft de kracht om leiding te geven aan zichzelf en anderen. Hij of zij kan de doelen van de organisatie realiseren waarbij gedeelde waarden en normen richtingbepalend zijn.

 

 

Focus

Elke medewerker neemt verantwoordelijkheid en reflecteert op eigen handelen.
De medewerkers hebben professionele ruimte omdat verantwoordelijkheden zo dicht mogelijk bij de uitvoering liggen en zij verantwoorden zich.
Leerlingen formuleren doelen passend bij hun loopbaanontwikkeling en kunnen daarop reflecteren.

Indicatoren

Het domein Leiderschap wordt beoordeeld op basis van de volgende indicatoren:

Indicator 1170% van het personeel is tevreden over zichzelf wat betreft het nemen van verantwoordelijkheid voor zijn ontwikkeling binnen de organisatie.
Indicator 1270% van het personeel is tevreden over de ruimte voor eigen verantwoordelijkheid en ontwikkeling binnen de organisatie.
Indicator 1370% van de leerlingen denkt bewust na over zijn of haar ontwikkeling en weet ontwikkeldoelen te formuleren.

Indicator 11 - 70% van het personeel is tevreden over zichzelf wat betreft het nemen van verantwoordelijkheid voor zijn ontwikkeling binnen de organisatie

In het MTO 2019 was de score op de vraag: “Ik zet me in om mezelf voortdurend te verbeteren” hoog, namelijk 89%. In andere vragen komt de betrokkenheid (8,5) en bevlogenheid (8,1) van het personeel voor de school tot uitdrukking. Die scores zijn vergelijkbaar met de scores van de Effectory-onderzoeken van enkele jaren terug.

Bron: Medewerkertevredenheidsonderzoek, 2019

Indicator 12 - 70% van het personeel is tevreden over de ruimte voor eigen verantwoordelijkheid en ontwikkeling binnen de organisatie

Op de vraag “Ik ben tevreden over mijn ontwikkelingsmogelijkheden binnen de schoolorganisatie” scoort 61% van het personeel mee eens of helemaal mee eens. Vanuit de evaluatie van de resultaten van het MTO 2019 blijkt dat ontwikkelingsmogelijkheden schoolbreed een aandachtspunt is.

Indicator 13 - 70% van de leerlingen denkt bewust na over zijn of haar ontwikkeling en weet ontwikkeldoelen te formuleren.

Hierover is nog geen informatie beschikbaar.

Ons verhaal

De PM is een lerende gemeenschap waar leerlingen, ouders en medewerkers actief aan deelnemen. De sleutelwoorden hiervoor zijn ‘betrokkenheid’ en ‘persoonlijke verantwoordelijkheid’. Om actieve participatie te realiseren is ruimte nodig voor eigen handelen, verbinding met de visie van de school en een open cultuur. Deze voorwaarden creëren we door verantwoordelijkheden zo dichtmogelijk bij de uitvoering te leggen. Dat gebeurt vanuit een gemeenschappelijk kader voor ons handelen: de visie van de school. In onze open cultuur is ruimte om met elkaar in gesprek te gaan, te luisteren naar wat anderen beweegt, te doen wat we zeggen, elkaar aan te spreken en verantwoording af te leggen. Zo levert iedereen vanuit zijn eigen positie een wezenlijke bijdrage aan de gewenste leeropbrengsten en ontplooiing.

“Als teamleider participeer ik in netwerken.”

Theunis van den Berge, teamleider vwo 123

Concreet en doelgericht vergaderen

 

Als teamleider van de onderbouw vwo ben ik sinds 2017 bestuurslid van het platform vWo. Het bestuur wordt gevormd door leidinggevenden binnen het vwo. We hebben onszelf het doel gesteld een platform te zijn waar leidinggevenden binnen het vwo elkaar kunnen ontmoeten en ondersteunen bij de verdere ontwikkeling van het vwo. Jaarlijks organiseren we hiertoe een landelijk vwo-congres voor docenten en leidinggevenden. Daarnaast organiseren we elk jaar twee regioconferenties. Ten slotte participeer in het leernetwerk ‘ambitieus vwo’, wat ook vanuit het platform vwo wordt aangestuurd. Binnen dit leernetwerk staat het delen van ervaringen voorop. Door het organiseren en bezoeken van deze evenementen groeit mijn netwerk enorm. Vanuit de Prins Maurits hebben we in de achterliggende jaren verschillende good practices gedeeld binnen de genoemde verbanden. En andersom halen we relevante kennis de school binnen. Zo hebben we dit schooljaar in juni een bijeenkomst georganiseerd voor beide vwo-teams, waarbij de gastspreker van de regioconferentie aanwezig zal zijn om haar promotieonderzoek ook bij ons te presenteren.

Dialoog

Een goed praktijkvoorbeeld van de open cultuur zijn de gesprekken die we voortdurend aangaan. Om meer inzicht te krijgen in het niveau van de kwaliteit van onze school gaan we in gesprek met partners in het onderwijs, met ouders in ouderpanels en met de leerlingen zelf. Voortdurend zijn we bezig om ons onderwijs te verbeteren en te zorgen dat leerlingen meer, beter of anders leren. Zo is er een leerlingenraad van ongeveer 12 leerlingen. In de leerlingenraad worden schoolzaken geëvalueerd en activiteiten voorbereid. De leerlingenraad is actief in verschillende acties binnen de school, denkt mee over verbeteringen in de organisatie en twee leerlingen uit deze raad doen mee in de medezeggenschapsraad.
 
In 2019 waren er 2 bijeenkomsten van het ouderpanel. Het ouderpanel wordt bezocht door ongeveer 20 ouders van leerlingen uit de verschillende afdelingen. Een bijeenkomst ging over het functioneren van de driehoek gezin – kerk – school met het oog op de ontwikkeling van onze leerlingen. Een belangrijke vraag was hoe wij op de CSG Prins Maurits onze waarden doorvertalen in goed burgerschap.

Met de medezeggenschapsraad bespreekt de directie actuele ontwikkelingen en ontvangt advies van de medezeggenschapsraad of waar nodig instemming. In de medezeggenschapsraad zijn personeel, ouders en leerlingen vertegenwoordigd.

"Deelnemen in de Medezeggenschapsraad is een leuke en leerzame uitdaging"

Gert-Jan van Veen

Medezeggenschap is heel belangrijk

 

Al een aantal jaren heb ik zitting in de MR. Bestuurlijk betrokken zijn op de organisatie van de school van je kind is een leuk en leerzame uitdaging.

 

Medezeggenschap is heel belangrijk. We zien dit steeds vaker om ons heen. Meedenken/praten/organiseren/participeren.

 

Elke keer ben ik weer onder de indruk van kracht en inzet van de organisatie van onze school. En dat midden in veranderende omstandigheden. De inzet en betrokkenheid van leerlingen, docenten, ondersteunend personeel, vrijwilligers en betrokken ouders mag zeker niet onopgemerkt blijven. Om dit allemaal in goede banen te leiden is een verstandig, moedig en krachtig beleid van de school nodig.

 

Mijn conclusie is dat onze school, onze MR hiermee op de goede weg is.
Een greep uit de onderwerpen waarover we gesproken hebben;
Inspectiebezoek/ Burgerschap en Sociale integratie/vakmanschapsroute/voordracht raad van toezicht/strategische beleidsplan 2019-2023

“We merken dat de meningen van leerlingen binnen de school erg worden gewaardeerd”

Annah en Sara - voorzitters leerlingenraad - leerlingen vwo 6

 

Wij zijn twee meiden die voorzitter zijn van de leerlingenraad. De leerlingenraad bestaat uit 12 andere leerlingen die komen uit verschillende niveaus en leerjaren van de Prins Maurits. Namens de leerlingenraad zitten wij ook in de Medezeggenschapsraad. Daarnaast zitten wij beide in VWO 6. We zijn daar nu allebei al een paar jaar actief en en we hebben al veel mooie dingen mogen bereiken. Zo organiseren we elk jaar de lessenmarathon en proberen we zoveel mogelijk reacties die we van leerlingen krijgen over waar ze ontevreden over zijn om te zetten in oplossingen. Dit doen we tijdens onze vergaderingen. Soms ervaren we dit wel als veel werk naast ons gewone schoolwerk, maar uiteindelijk geeft het altijd veel voldoening als het gelukt is. We merken namelijk dat het bestuur onze mening erg waardeert en moeite voor ons doet. We hopen dat als wij van school gaan volgend jaar, wij het stokje door kunnen geven aan nieuwe enthousiaste leerlingen. Op deze manier werken wij mee aan een school waarin een goede en open communicatie tussen bestuur, leerlingen en leraren centraal staat.

Ontwikkeling leiderschap

In 2017 rondden de schoolleiding, teamleiders en directie een ontwikkelingstraject af. Twee jaar lang is er gereflecteerd op het eigen leiderschap en is gewerkt om de focus op de persoonlijke ontwikkeldoelen te versterken. Dit traject, De Werkplaats genoemd, werd begeleid door Rens Rottier en Thea de Mots vanuit Driestar Educatief. De opbrengsten van de Werkplaats zijn vastgelegd in het leiderschapsstatuut. In dit statuut zijn de verwachtingen uitgesproken over de wijze waarop de schoolleiding als geheel leiding geeft aan de PM. De sectieleiders volgen een vergelijkbaar traject, eveneens begeleid door Driestar Educatief, maar dan meer gericht op de kwaliteit en sturing binnen de vakgroepen.

Sectieleidersoverleg

Wim Guijt, sectieleider Nederlands

Uit de kring van sectieleiders is de behoefte gegroeid om tweemaal per jaar bij elkaar te komen voor overleg. De sectieleider krijgt namelijk steeds meer taken op zijn bordje gelegd. Was het vroeger vooral de persoon die, gechargeerd gezegd, de bestellingen verzorgde, tegenwoordig wordt van hem verwacht dat hij het onderwijskundig proces in de sectie aanstuurt. Wat is dan het fijn om als sectieleiders elkaar daarin bij te staan. Bij de besprekingen kwamen twee zaken bovendrijven waarin we heel graag ‘bijgeschoold’ zouden willen worden. Als eerste punt: de kwaliteitszorg. We kwamen toen al gauw bij het vakwerkplan terecht. Iedere sectie deed op dat terrein ‘wat goed was in eigen oog.’ Ook het leiding geven aan de sectie werd als een probleem ervaren. We zijn de directie dankbaar dat ze bereid was om ons een financiële injectie te geven, zodat we een cursusleider van Driestar-Educatief konden ‘inhuren’ die ons inwijdde in deze onderwerpen. We hebben de verschillende scholingsmiddagen als zeer nuttig ervaren. Deze middagen hebben concreet iets opgeleverd: het vakwerkplan van alle secties wordt op termijn meer synchroon en to the point. Aan het leidinggeven van de sectieleider is nog maar een middag besteed. Maar die smaakte naar meer…

Onze ontwikkelpunten

De ontwikkelpunten zijn:

-de voortgaande ontwikkeling van leiderschap op alle niveaus binnen de CSG Prins Maurits;
-de ontwikkeling van het kwaliteitsdenken binnen de vaksecties;
-het stimuleren van actieve participatie van leerlingen door het bieden van ruimte.